Vragen

Lieve mama,

De laatste tijd voel ik me vaker kut.
Geen paniek, ik ben niet depressief.
En nee, ik doe mezelf niets aan.
Ik laat me niet arresteren door Amerikaanse politieagenten.
En ik ga ook niet demonstreren met 5000 man op een plein om Corona op te lopen.
Ik blijf rustig.

Begrijp me niet verkeerd, wat in Amerika gebeurd, is verschrikkelijk.
Het racisme daar is stuitend, walgelijk en het wordt maar niet beter.
Maar om nu te demonstreren met 5000 man op een plein,
terwijl er vorige week nog mensen bekeurd zijn die met zijn drieën bij elkaar kwamen,
dat gaat wat ver.
Maar goed ik dwaal af.

Het gaat soms wat minder, omdat ik me vaak schuldig voel.
We hebben zeven jaar de tijd gehad om eens goed te praten.
We wisten namelijk al die tijd dat je ongeneeslijk ziek was
En tuurlijk hebben we veel gepraat.
Ik sprak je drie keer per dag.

Maar heel veel dingen hebben we weggestoken.
Dat je een pruik had bijvoorbeeld.
Ik wou er niks van weten.
En als je doet alsof het er niet is, heb je er geen last van.
Zo ging dat met meer zaken.

De ellende en de pijn die je op het laatst had.
Dat je eigenlijk grotendeels aan het lijden was.
Of de angst in je ogen toen je de lift in werd gereden,
de avond voor de HIPEC-behandeling in het VU-Amsterdam.
Ik zag het wel, ik zei het niet.
Ik vergeet het nooit meer.

Als ik wel had gepraat, had ik zoveel meer geweten.
Wat je nog graag wou doen bijvoorbeeld.
Of hoe je jouw uitvaart voor ogen had.
Nu moesten we alles op de laatste avond plannen.

Maar iets in mij blijft zeggen dat het niet klopt.
Als je zeven jaar weet dat iemand niet oud wordt,
dan ga je het daar toch over hebben?
Nu kan het niet meer.
En daarom voel ik me weleens kut.

Toen het nog kon, kwam je elke dag langs.
Soms praatten we niet eens.
Dan zaten we bij elkaar en dat was al genoeg.
Heel mooi dat we dat konden.
Maar soms wou ik dat we iets meer het gesprek aan waren gegaan.
Niet de hele tijd, maar soms.
Nu blijven sommige zaken een groot vraagteken.